Actualiteit .Net

oktober 8, 2006

De Spits

Geplaatst onder: Sport — Jaap @ 6:35 pm

“Lopen Denneboom, of wil je het seizoen hier afmaken?”
De Coach zag er vermoeid uit. Nog maar even en dan zou de Derby losbarsten. Zou het net zo zijn als in Rotterdam? Als ze zouden verliezen, zou hij dan het seizoen wel af mogen maken? Hoe moest hij de ploeg klaarstomen voor deze burenruzie?
“Mark! Achter die bal aan!”

De Spits stond voor het raam van zijn kantoortje. Hij keek naar het veld en zag de spelers langzaam over het veld draven. Ze keken naar de grond en af en toe voorzichtig naar de Coach. Op de kalender stond een rode cirkel om het getalletje tweeëntwintig. Wat zou hij graag meespelen. Nog één keer zijn naam horen scanderen door het stadion. Maar het was ijdele hoop, wist ook de Spits. Hij zag de spelers van het veld af lopen, naar de kleedkamers.

In de kleedkamer vertelde de Oude Middenvelder over zijn goal en de Wraak, maar het maakte weinig indruk. Vorig seizoen was de ploeg in eigen huis geklopt en de fans zouden de komende wedstrijd maar één uitkomst accepteren. Winst. De Goffert was al jaren een onneembare vesting voor de bovenbuurman, maar dit jaar was het misgegaan. Ze moesten winnen. Maar toch leek niet iedereen zich dat te beseffen.
“Rutger, Peter, Andrzej, Patrick. Jullie hebben al eens gescoord tegen Vitesse, als jullie fit zijn, sta je in de basis. Het publiek zal het niet vergeten zijn. Het duurt nog even, maar ik wil dat iedereen die speelt zich voor honderd procent inzet. Je kunt het je niet veroorloven om de kantjes er vanaf te lopen, want dan is het afgelopen. Nu douchen en morgen weer op tijd op de training zijn!”

“Gaat dat zo gemakkelijk, Coach?”
Het werd stil in de kleedkamer. Alle ogen waren gericht op de man in de deur. De Oude Middenvelder herkende hem. Het was de Spits.
“Er is meer nodig om de Derby te winnen dan het opstellen van een paar jongens die toevallig eens gescoord hebben. Heb je ze oude wedstrijden laten zien, Coach? Heb je ze verteld hoe belangrijk deze wedstrijd is voor de supporters? En heb je ze verteld dat deze wedstrijd niet verloren mag worden?”
“We hebben de tijd.”
“Als je dat nu zegt, heb je niet begrepen waar het deze wedstrijd om gaat. Supporters hebben niet de tijd. Op tweeëntwintig augustus duurt het nog maar twee maanden, op tweeëntwintig september nog maar één, op vijftien oktober nog maar een week en op eenentwintig oktober nog maar een dag. Op drieëntwintig oktober is het voorbij. Als er dan niet gewonnen is, is het seizoen verpest. Dan is het afgelopen met de mooie praatjes. Een verliespartij tegen Ajax uit is goed te praten, een verliespartij tegen Vitesse thuis is zelfmoord.”

De spelers waren stil. Ze luisterden naar de woorden van de Spits, in de ogen van sommigen was hij de Held. Ze keken naar de vluchtig rondschietende ogen van de Coach en de parels zweet op zijn voorhoofd.
“Als jij het zo goed weet, vertel me dan eens, hoe moeten we ons voorbereiden?”
De Spits sloot de deur en ging in het midden van de kleedkamer staan.
“Tweeëntwintig oktober is de dag waar het om draait. Vanaf vandaag denken jullie alleen nog maar aan die dag. Elke ochtend, wanneer je de voorbije dag wegstreept op je kalender, realiseer je je dat er nog een dag minder te gaan is. Elke dag en elke training staat in het teken van de Derby. Zorg dat je maar één ding wil; de 4 - 1 overwinning uit 2000 doen vergeten. Gebruik de energie van de supporters om de wedstrijd naar je hand te zetten en geniet van de vreugde na de wedstrijd. Zo vaak is de Derby de wedstrijd geweest waarin NEC eindelijk begon te voetballen. Laat dat ook dit jaar gebeuren! Overtuig Nijmegen van jullie kwaliteiten. De naam Hristov zal nooit meer vergeten worden, na zijn hattrick. Wie is de volgende? Jij, Brett? Of jij misschien, Christopher? Zorg dat je niets liever wilt dan scoren en winnen!”

Het was muisstil in de kleedkamer. De Oude Middenvelder probeerde te applaudiseren, maar niemand klapte mee. Tenslotte stond de Coach op.
“Okee jongens, naar de douche! Jullie beginnen te stinken!”
De spelers liepen met een grote boog om de Spits heen, die nog steeds midden in de kleedkamer stond. Niemand durfe hem aan te kijken, behalve de Oude Middenvelder, die de Spits een stevige tik op de schouders gaf. De Spits liep naar de deur en voelde een hand op zijn schouder. Het was de Zweed. In zijn handen had hij een shirt.
“Dit was jouw nummer, toch?”
De Spits keek naar het shirt. Het was inderdaad zijn nummer. Wat zou hij graag dat nummer nog éénmaal op zijn rug hebben staan. Nog éénmaal de Derby spelen. Nog éénmaal de Goffert op zijn kop zetten.
“Ja, dit was mijn nummer. Het brengt geluk.”

Rood of wit?

Geplaatst onder: Schrijfsels — Jaap @ 2:54 pm

Enigszins bemoeilijkt door het lage plafond, wist Kees zijn wijnrek te bereiken, waarna hij zijn kennersoog (tevens zijn enige oog) een lange blik gaf op de verschillende vergeelde etiketten. Verstand van wijn had Kees eigenlijk niet, maar toch wist hij feilloos rood van wit te onderscheiden, zodat hij even later met een fles rood onder zijn arm de keldertrap weer beklom.

Boven aangekomen gaf Kees de fles met het vergeelde etiket aan zijn kreupele en onontkenbaar domme vrouw die, zoals haar vrienden meerdere keren per avond vermeldden, absoluut de lelijkste van het stel was. Ria pakte een schaar, knipte de fles open en schonk de wijn in de ijsvormpjes die Kees inmiddels klaar had gezet. Kees sloot de vormpjes en legde ze in de vriezer.
“Zo,” zei Ria, “Hebben die kutkoters niks meer te zeike!”
“Zullen we dan maar effe naar de super? Ik mot echt wat vreten,” zei Kees, waarop Ria de bezemsteel uit de kast nam en haar man, zoals ze zelf, zo zei Kees, zo mooi kon zeggen, aan gort trimde.
“Waarom doe je dat nou weer, lieve schat? Ik wil alleen maar vreten!”
“Oh, zeg dat dan effe, ik dacht dat je weer aan het kankeren was!”

Het behoeft geen uitleg dat de door pus, haren en wratten bemoeilijkte werkzaamheid van Ria’s beide oren dit huwelijk al vaker tot last waren geweest, maar de ongekende liefde van Kees voor Ria maakte twijfel over de standhouding van de verbintenis onmogelijk. Kees was afhankelijk van Ria, kon niet meer leven zonder haar, want hoewel haar oren niet meer naar behoren functioneerden en haar afschuwelijke aanblik hem meerdere malen per dag in huilen deed uitbarsten, had hij nooit een leven gekend zonder Ria. Ze waren al samen sinds Kees zich kon herinneren, maar Kees herinnerde zich niet zo veel meer.

Een tripje naar de supermarkt duurde lang. Heel lang. Kees had een jaar geleden de auto kapot gereden tegen de voorgevel van de nabijgelegen basisschool, waarna Ria door de glassplinters in haar bovenbeen steeds regelmatiger de controle verloor over haar loopgedrag. Het was een aandoenlijk en op hetzelfde moment belachelijk gezicht, wanneer Ria zich probeerde voort te bewegen. De twee hadden geen geld meer voor een nieuwe auto. Al enige tijd was de verkoop van plaatjes van Ria op het internet gestagneerd en de kinderen waren ook op. Daarom liepen ze. Het ging zo langzaam dat het regelmatig voorkwam dat het enigszins vieze stel voor een gesloten deur kwam te staan, wat onherroepelijk leidde tot grote ergernis bij zowel Kees als Ria.

Vandaag hadden ze geluk, hoewel de winkel inderdaad opnieuw dicht was vóórdat Ria en Kees de voordeur bereikten (in dit geval waren ze zelfs op honderd meter afstand gekomen voordat de deuren sloten), vond Ria tijdens opnieuw een levensgevaarlijke valpartij een muntje op straat. Wat het muntje waard was, wisten ze natuurlijk niet, van euro’s hadden ze immers weinig kaas gegeten, maar het zou ongetwijfeld een feestmaal op tafel kunnen brengen. Helaas zou dat feestmaal morgen pas komen.

Thuis aangekomen stond de familie al te wachten. Het was al laat, maar dat mocht de stemming niet drukken.
“Zijn jullie daar eindelijk, stelletje reetmongolen? We staan al twee uur te wachte!”
“Wie zijn daar, Ria?”
“Hou je bek, Kees, we gaan naar binnen!”
Kees liet de hem onbekende figuren het huis in en gaf de meegekomen kinderen ieder een ijsje.
“Rood of wit?”

Nadat de onbeschoft behandelde visite huiswaarts was gekeerd, stelde Kees voor naar bed te gaan, waarop Ria hem een klap verkocht. Kees betaalde echter niet en kon zien dat ze moe was, waarop hij Ria de trap op rolde. Onder het ondergescheten dekbed snurkte de oerlelijke vrouw dat het een lieve lust was en genoot Kees van het geluid en de stank van zijn vrouw en ongetwijfeld ook van zijn rechterhand.

oktober 3, 2006

Marco’s brievenbus

Geplaatst onder: Sport, Voorpagina — Jaap @ 11:52 am

Onderstaande brief vond bondscoach Marco van Basten vanochtend in zijn brievenbus:

Beste Marco,

Allereerst wil ik je graag bedanken. Het selectiebeleid is de afgelopen jaren nog nooit zo goed geweest als onder jouw bewind. Natúúrlijk horen idioten als van Nistelrooij, Davids en Seedorf niet in Oranje thuis. En van Bommel is al helemáál een lachertje! Ik kan het alleen maar toejuichen dat grandioze spelers als Timmer, Jaliens, Heitinga, Mathijsen, Landzaat en Vennegoor geselecteerd worden, al vraag ik me oprecht af waar Maduro is gebleven.

Vervolgens wil ik je feliciteren. In mijn jaren in het voetbal heb ik lange tijd niet meer zulk een tactisch genie langs zien komen in het voetbal. Sneijder als controlerende middenvelder en spelverdeler? Ik had er nooit op kunnen komen! Edgar Davids kan dat toch helemaal niet? Ik vraag me oprecht af wat Nederland nu te zeuren heeft. En natuurlijk moet van Nistelrooij niet zulke kritiek hebben. Het kan toch niet zo zijn dat als je topscoorder bent van de Premier League of bij Real Madrid speelt, je ook nog aanvoer vanaf de vleugels nodig hebt? Als je zo goed bent, maak je zelfs doelpunten zonder bal!

Niets dan lof over het selectiebeleid en de tactieken, ik zou het nooit beter kunnen! Ga zo door, dan redden jullie het wel!

Met vriendelijke groet,

Joachim Löw
Bondscoach “Die Mannschaft”

Gemaakt met WordPress met Nederlandse vertaling